Praktijk

Opioïden bij kankerpijn: titulatie en bijwerkingen

Opioïden bij kankerpijn: titulatie en bijwerkingen betreft een belangrijk aspect van de dagelijkse oncologische praktijk. Deze pagina biedt evidence-based aanbevelingen, praktische handvatten en richtlijnkaders voor optimale patiëntenzorg.

Opioïden bij kankerpijn: titulatie en bijwerkingen

Titulatie

Start met orale morfine 5-10 mg elke 4 uur (of oxycodon 5 mg elke 4-6 uur). Titreer met 30-50% dosisverhoging elke 24-48 uur tot adequate pijncontrole. Na stabilisatie: switch naar slow-release formulering. Doorbraakmedicatie: 1/6 van de dagdosis als snelwerkend opioïd. Fentanylpleister: bij stabiele pijnbehoefte en orale inname-problemen (let op latentietijd 12-24 uur).

Bijwerkingen en management

Obstipatie: altijd laxantia meegeven (macrogol, naloxegol bij opioïd-geïnduceerde obstipatie). Nausea: metoclopramide of haloperidol eerste dagen. Sedatie: doorgaans tijdelijk. Respiratoire depressie: zeldzaam bij correcte titulatie. Opioïdrotatie: bij onvoldoende analgesie of ondraaglijke bijwerkingen — omrekentabellen (equianalgetische doseringen). Methadon: complex farmacokinetisch profiel, alleen door ervaren voorschrijvers.

← Alle onderwerpen in Ondersteunende zorg