Stadiëring en gradering van borstkanker
Stadiëring en gradering zijn essentieel voor de prognosebepaling en behandelplanning bij borstkanker. De TNM-classificatie (8e editie AJCC) beschrijft tumorgrootte, lymfeklierstatus en metastasen. Histologische gradering (Bloom-Richardson/Nottingham) beoordeelt tubulusvorming, nucleaire pleomorfie en mitoseactiviteit. Samen met moleculaire subtypering bepalen zij de behandelstrategie.
Kernbegrippen
- TNM
- Tumor-Node-Metastasis classificatie voor anatomische uitbreiding van de ziekte.
- Nottingham-gradering
- Histologische gradering (1-3) op basis van tubulusvorming, kernpleomorfie en mitoseindex.
- Prognostisch stadium
- AJCC 8e editie combineert TNM met biomarkers (ER, PR, HER2, graad) voor nauwkeurigere prognose.
Stadiëring en prognosebepaling
TNM-classificatie
T-stadium beschrijft de tumorgrootte: T1 (≤2 cm), T2 (2-5 cm), T3 (>5 cm), T4 (huidbetrokkenheid of thoraxwandinvasie). N-stadium classificeert regionale lymfekliermetastasen: N0 (geen), N1 (1-3 okselklieren), N2 (4-9 klieren), N3 (≥10 klieren of andere lymfeklierregio's). M-status onderscheidt lokale (M0) van gemetastaseerde (M1) ziekte.
Gradering en biomarkers
Nottingham-gradering combineert drie kenmerken tot een totaalscore: graad 1 (goed gedifferentieerd), graad 2 (matig), graad 3 (slecht). De AJCC 8e editie integreert biomarkers (ER, PR, HER2, graad) met TNM tot een prognostisch stadium dat nauwkeuriger is dan anatomisch stadium alleen.