Schildwachtklierprocedure bij borstkanker
De schildwachtklierprocedure (SNP) is de standaard voor lymfeklierstadiëring bij klinisch kliernegative borstkanker. Met behulp van een radioactieve tracer en/of blauwe kleurstof wordt de eerste drainerende lymfeklier geïdentificeerd en onderzocht. Bij een negatieve schildwachtklier wordt verdere okselchirurgie achterwege gelaten, waarmee lymfoedeem aanzienlijk wordt verminderd.
Kernbegrippen
- Schildwachtklier
- Eerste lymfeklier waarop de tumor draineert — representatief voor de axillaire klierstatus.
- Macrometastase
- Lymfekliermetastase >2 mm — indicatie voor verdere behandeling.
- Micrometastase
- Lymfekliermetastase 0.2-2 mm — klinische betekenis onderwerp van debat.
Techniek en klinische implicaties
Procedure
Preoperatief wordt Tc-99m nanocolloïd geïnjecteerd rond de tumor of subareollair. Peroperatief wordt met een gammaprobe de schildwachtklier gelokaliseerd en verwijderd. Aanvullend wordt vaak patent blue kleurstof gebruikt. De klier wordt pathologisch onderzocht, bij voorkeur met seriële coupes en immunohistochemie.
De-escalatie
Bij 1-2 positieve schildwachtklieren zonder uitgebreide extranodale groei kan verdere okselchirurgie achterwege gelaten worden mits radiotherapie van het okselgebied plaatsvindt (AMAROS-trial). Na neoadjuvante chemotherapie kan een gerichte axillaire dissectie met markering van bewezen positieve klieren de nauwkeurigheid verbeteren (MARI-procedure).