Nazorg en follow-up na borstkanker
Nazorg na borstkanker omvat gestructureerde follow-up gericht op vroege detectie van recidief, management van late effecten van behandeling en psychosociale ondersteuning. De follow-up bestaat uit jaarlijkse mammografie en periodieke klinische controle gedurende minimaal 5-10 jaar. Terugverwijzing naar de huisarts na oncologische nazorgperiode wordt steeds meer geïmplementeerd.
Kernbegrippen
- Nazorgplan
- Geïndividualiseerd plan dat behandeloverzicht, controle-schema, late effecten en aandachtspunten beschrijft.
- Late effecten
- Blijvende of laat optredende gevolgen van kankerbehandeling: cardiotoxiciteit, osteoporose, lymfoedeem, fertiliteit.
Nazorg en follow-up
Follow-upschema
Jaarlijkse mammografie (inclusief contralaterale borst) gedurende minimaal 10 jaar. Klinische controle: jaarlijks of halfjaarlijks eerste 5 jaar, daarna jaarlijks. MRI-surveillance bij BRCA-draagsters of na DCIS. Geen routine-bloedonderzoek of beeldvorming op metastasen bij asymptomatische patiënten.
Late effecten
Endocriene therapie: artralgie, osteoporose, cardiovasculair risico. Chemotherapie: cognitieve klachten ("chemo brain"), perifere neuropathie, cardiotoxiciteit. Radiotherapie: fibrose, secundaire maligniteiten op lange termijn. Psychosociaal: angst voor recidief, vermoeidheid, relatie- en werkproblematiek.